1. Hij die opzettelijk een ander wederrechtelijk van de vrijheid berooft of beroofd houdt, wordt gestraft (art. 282 Sr).
  2. Gebeurt dit met het oogmerk om een ander te dwingen iets te doen of na te laten, bijvoorbeeld om losgeld of om de politie op afstand te houden, dan is er sprake van gijzeling (art. 282a Sr).
  3. Is het slachtoffer een ambtenaar in functie, dan geldt een hogere straf (zie de tabel).
  4. Bij een poging (art. 45 Sr) geldt een lagere straf (zie de tabel).

Toelichting

  • Iemand vastbinden, opsluiten in een kofferbak of tegen zijn wil meenemen is vrijheidsberoving.
  • Een gijzeling tijdens een overval wordt naast diefstal met geweld ten laste gelegd.
SoortCelstrafBoete
Veroordeling15 maanden—
Slachtoffer is ambtenaar in functie20 maanden—
Poging11 maanden—